De wachttijden in de ziekenhuizen namen door de coronapandemie tussen 2020 en 2022 sterk toe. Voor het verkrijgen van inzicht of er uiteindelijk een inhaalslag heeft plaatsgevonden ten opzichte van de relatief lange wachttijden hebben Kompas in Zorg en BS Health Consultancy een factsheet opgesteld. In deze factsheet wordt ingegaan op de huidige wachttijden van de Nederlandse ziekenhuizen en de ontwikkeling in de jaren 2022, 2023, 2024, 2025 en de eerste drie maanden van 2026 op het gebied van polikliniekbezoeken, behandelingen en diagnostiek.

Uit de analyse van de wachttijden blijkt dat de gemiddelde wachttijden in de Nederlandse ziekenhuizen de Treeknormen (maximaal aanvaardbare wachttijd) van polikliniek en behandeling veelal overschrijden.


Voor de diagnostiek geldt dit voor een deel van de onderzoeken, met name ten aanzien van slaaponderzoek, colonscopie en gastroscopie. De wachttijden van de laatste twee genoemde onderzoeken zijn per eind maart 2026 ten opzichte van eind maart 2025 wel gedaald met 20% en respectievelijk 13%. Ten aanzien van de wachttijden van polikliniekbezoeken is het niet gelukt om de wachttijden de afgelopen jaren te laten dalen. In tegendeel, de gemiddelde wachttijden voor o.a. neurologie, gynaecologie, oogheelkunde, interne geneeskunde en kindergeneeskunde zijn sterk gestegen, met meer dan 50% ten opzichte van januari 2022. Wel is de gemiddelde wachttijd voor de polikliniek oogheelkunde en longziekten eind maart 2026 afgenomen ten opzichte van een jaar eerder (eind maart 2025). De gemiddelde wachttijden van de 9 onderzochte veel uitgevoerde behandelingen liggen weliswaar boven de Treeknorm, maar laten wel veelal een dalende trend zien ten opzichte van januari 2022. Zo zijn de gemiddelde wachttijden van o.a. galblaasverwijdering, operatieve behandeling liesbreuk en plaatsen van trommelvlies-buisjes met meer dan 25% gedaald ten opzichte van januari 2022. Deze dalende trend is het afgelopen jaar echter niet meer zichtbaar. De gemiddelde wachttijd eind maart 2026, van 5 van de 9 onderzochte behandelingen, is licht toegenomen ten opzichte van eind maart 2025.